In het artikel ‘Hoe kies ik het beste hondenvoer voor mijn hond‘, heb je al gelezen dat proteïne, ofwel eiwitten, één van de belangrijkste voedingsstoffen is die jouw hond elke dag nodig heeft.

Welke functie heeft proteïne voor het lichaam van de hond?

Een hele belangrijke functie van eiwitten is dat het energie aan jouw hond geeft. Het is haar brandstof om te functioneren. Maar eiwitten heeft ze niet alleen als brandstof nodig, maar voor zo’n beetje alle lichamelijke processen. :

Functies van eiwitten

  • Geeft energie, is brandstof
  • Voor de opbouw van spieren
  • Voor het herstel van spieren
  • Voor het onderhoud en herstel van cellen
  • Voor de aanmaak van hormonen en enzymen
  • Voor het onderhoud en herstel van weefsel
  • Om nieuwe huidcellen te vormen
  • Voor haargroei
  • Ondersteunt het immuunsysteem

Honden zijn vleeseters

Honden zijn al vijftienduizend jaar bij de mens (sommigen denken zelfs langer) en aten – tot halverwege de vorige eeuw –voornamelijk vlees. Daarmee kregen zij een hoog eiwitgehalte binnen. Tenminste, als zij genoeg vlees konden bemachtigen. Met dit vleesdieet kregen ze ook best veel vet en een beetje vezels en koolhydraten binnen. Daarop functioneren honden helemaal prima.

De discussies over eiwitten ontstonden eigenlijk pas toen de eerste merken hondenvoer op de markt kwamen. Dat begon rond 1930, maar nam na de Tweede Wereldoorlog een grote vlucht.

Waarom heeft jouw hond eiwitten nodig?

Deze vraag is eigenlijk niet correct. Jouw hond heeft namelijk aminozuren nodig. En laten dit nou net de bouwstoffen zijn van eiwitten. Lees alles over de structuur van eiwitten in de blog ‘Eiwitten in hondenvoer‘.

Betere vraag: welke aminozuren heeft jouw hond nodig?

Er zijn 22 aminozuren die honden nodig hebben. Van deze 22 aminozuren is de hond in staat er 12 zelf aan te maken. De andere 10 kan de hond niet zelf aanmaken en zal zij elke dag via haar voeding binnen moeten krijgen. We noemen deze aminozuren ‘essentiële aminozuren’.

Welke aminozuren zijn essentieel?

Voor honden gaat het om de volgende aminozuren:

  • arginine
  • histidine
  • isoleucine
  • leucine
  • lysine
  • methionine
  • fenylalanine
  • threonine
  • tryptofaan
  • valine.

Het aminozuur taurine

Over dit aminozuur bestaan veel misverstanden. Het komt er op neer dat honden dit aminozuur wel zelf kunnen aanmaken, maar katten niet. Katten moeten dus elke dag taurine via hun voeding binnen krijgen. Daarom kan je aan honden wel kattenvoer voeren, dat is geen enkel probleem. Maar andersom niet. Als katten alleen hondenvoer zouden eten, zouden ze een taurine tekort krijgen.

Je kan aan hond kattenvoeding geven, zonder problemen. Andersom kan dat niet. Aan een kat kan je geen hondenvoer geven, omdat een kat het aminozuur taurine niet zelf kan aanmaken.

De kwaliteit van eiwitten

Jouw hond heeft dus elke dag eiwitten nodig, of beter: de 10 essentiële aminozuren die zij niet zelf kan aanmaken. Niet elke eiwit is hetzelfde: elk eiwit bevat verschillende niveaus van aminozuren en elke eiwit is anders in het vermogen om te worden afgebroken tot aminozuren. Sommige eiwitten zijn dus beter voor honden dan andere eiwitten.

Sommige eiwitten zijn (voor honden) beter dan andere

De biologische waarde van een eiwit

De biologische waarde van een eiwit wil zeggen het vermogen om door het lichaam te worden gebruikt en de hoeveelheid bruikbare aminozuren die een eiwit bevat. Hoe hoger de biologische waarde, hoe hoogwaardiger het eiwit.

Een ei hoort erbij

Een hoogwaardig eiwit heeft een hoog vermogen om door het lichaam te worden gebruikt èn bevat een hoge hoeveelheid bruikbare aminozuren.  Hoe hoogwaardiger het eiwit, hoe bruikbaarder het is voor het lichaam. Dit zegt dus iets voor de verteerbaarheid. Een ei is zo’n beetje het meest hoogwaardige eiwit die er is. 

De kwaliteit van de eiwitten in zalm en andere vissoorten is ook hoog, net als de kwaliteit van de eiwitten in kip en kalkoen. Ook de kwaliteit van de eiwitten in  rundvlees is hoog. Als je dit vergelijkt met granen wordt het anders. De biologische waarde van de eiwitten in tarwe en mais is nog maar de helft van de biologische waarde van een ei. Dierlijke bijproducten zoals haren en veren bevatten heel veel proteïne, maar het lichaam van een hond heeft daar helemaal niets aan.

Het gaat dus niet alleen om de hoeveelheid eiwitten in hondenvoer, maar ook (vooral) om de kwaliteit van de eiwitten. Jouw hond heeft hoogwaardige eiwitten nodig, eiwitten die zij goed kan verteren, zodat alle voedingsstoffen haar ten goede komen. Over het algemeen kan je zeggen dat de biologische waarde van dierlijke eiwitten hoger is dan van plantaardige eiwitten. Een uitzondering hierop zijn overigens sojabonen.

Hoe bepaal je de kwaliteit van eiwitten in hondenvoer?

Het eiwitgehalte op het voer geeft jou dus niet genoeg informatie. Want als het voer 35% eiwitten bevat, maar er zit heel weinig vlees in en veel graan, zoals tarwe of mais, dan is het bruikbare deel van deze eiwitten dus laag. En als er ‘dierlijke bijproducten’ op het etiket staat, weet je niet wat er daadwerkelijk in zit. Dat kunnen dus ook veren zijn!

Het is dus belangrijk te kijken naar het eiwitgehalte in combinatie met de ingrediënten. Staat vlees als eerste vermeld? Bijvoorbeeld: een percentage van 40% kip? Dan weet je dat het grootste deel van de eiwitten in dat voer van vlees afkomstig is en dat het gaat om hoogwaardige eiwitten. Lees hier meer over in ons artikel ‘Meat first‘.

Tot slot… ook de bereidingswijze van eiwitten is belangrijk. Rauw vlees heeft een hogere biologische waarde dan bewerkt vlees. Als er dus rauw vlees verwerkt is in het hondenvoer, is de verteerbaarheid voor jouw hond groter.

Bronnen:

1. “Nutrition for the Adult Dog”, Virginia-Maryland Regional College of Veterinary Medicine, Client Information Handout 

2. Palika, Liz, The Consumers Guide to Dog Food, New York, Howell Book House, 1996 

>